|
"Deze
werden in de jaren vijftig gebouwd, als ik me niet vergis."
"Wat deden ze allemaal in zo'n clubgebouw?"
"Iedere migrantengroep had een eigen club. We kennen de St. Maarten
club, Suriname club, Chinese club, Portugezen club. Voor de overige Caribische
migranten bestond The Golden Rock, een bouwvallige onderkomen. Ze gingen
er naar toe om te dansen, domino spelen en om te kaarten."
"Ah, vertel, vertel, want ik ben benieuwd hoe mijn grootmoeder vroeger
leefde", zegt Violette.
"Alles wat je tegenwoordig ziet, bestond in die tijd niet. De wegen,
restaurants, cafe's, bioscoop, bakkerij, scholen en kledingwinkels waren
er niet. Langzamerhand zijn ze begonnen met het bouwen van allerlei winkels
Het heeft heel lang geduurd voordat men besefte dat men dit deel van het
eiland niet langer kon negeren. In die tijd bakte iedereen thuis brood,
de Johny cake. De migranten kinderen die hier werden geboren kregen allemaal
de naam van een Amerikaanse president, zoals: John Adams, Thomas Jefferson,
Abraham Lincoln, George Washington, James Madison, Andrew jackson en velen
meer."
Er waren ook vissersboten met moeders, vaders en kinderen aan boord, die
door weersomstandigheden nooit de kust bereikten. Je moeder herinnert
deze arme kinderen, want ieder had een gezicht, een naam en de stille
hoop om groot te worden. Zij die hun wortels hier hebben geschoten werden
al gauw in de gemeenschap opgenomen. Je moeder is een voorbeeld van deze
generatie. Net zoals jij, Violette, ging ik ook naar de St. Theresia school.
De jongens waren aangewezen op de Don Bosco school. Zoals in elke kolonie
was een onderscheid tussen katholieke en openbare scholen, waar de armzaligen
naar toe gingen.
Ze kwamen uit verschillende wijken: Essoville, Brazil, Fontein, Village
en Zeewijk. Ieder van hen met heel veel zin om iets te leren, om vooruit
te gaan. Hun slaperige oogjes was een reflectie van een gemeenschap die
nog wakker geschud moest worden. In die tijd waren het de fraters en de
nonnen die les op school gaven. Met hun lange witte jurken, het waren
net missionarissen die je in andere landen ook zag,
In die houten barakken, waar de hitte van de zon de temperatuur deed stijgen,
probeerde men enige beschaving bij te brengen. Velen van onze kinderen
begrepen de woorden uit een andere wereld niet die de fraters en nonnen
gebruikten. Met grote ogen zaten ze te luisteren om daarna via het andere
oor een andere weg te vinden. De wereldkaart met al die continenten was
een blinde vlek op de jeugdige iris van de landskinderen.
We waren allang blij als de schoolbel ging en konden het schoolplein op
om even met elkaar te ravotten. Dan konden we even met elkaar in een gebroken
papiamento-engels praten en dan nog begrepen we elkaar. Op de zondagmiddag
gingen we naar de Sunday-school in de Cecilia club. Hier werd gezongen,
gedichten voorgelezen, verhalen verteld en met andere kinderen gespeeld.
Je moeder kwam hier de Arubaanse kinderen tegen die naar de andere scholen
gingen, de Filomena college, de Don Bosco en Paulus school. De meisjes
met hun strik in hun haar, kniekousen en glimmende schoentjes. De jongens
met hun keds(gympies), die al een tweede leven hebben gekend. Allen met
hun netjes gestreken kleren in verbleekte kleuren aan hun lijf. Deze periode
was de gelukkigste in mijn leven, een tijd waarin ik floreerde en anderen
mij omarmden als een eigen kind in een groot gezin. Ik had een vriendin,
Gina heet ze. We waren net zussen van elkaar, deden alles samen en overal
vergezelden we elkaar.
Later werd ik zelfs peetmoeder van een van haar kinderen. Nu nog zoeken
we elkaar op en sturen we elkaar een kaart met de feestdagen. Vele van
mijn vriendinnen zijn in de jaren zestig naar een ander land vetrokken:
de Verenigde Staten, Canada, en Nederland. Iemand kon zich niet voorstellen
dat diezelfde kinderen, later een goede baan hadden of het verkeerde pad
kozen.
Al die zwarte gezichten die voor analfabeet door het leven moesten gaan,
geen keus bij wat ze aangeboden werden, de schuld voor een ander krijgen
en allerlei vormen van machtsmisbruik ondergaan, kennen we ook. Nooit
meer vergeet ik toen Deborah moest bevallen. Jouw grootvader vertelde
mij dat toen ik werd geboren zij het volgende zei:"Kijk me in m'n
gezicht, m'n kind. Mijn kind, je bent vrij. Met een hart, een stem en
gevoelens van vrijheid.
|
Geboren
uit een generatie, bevrijdt van de slavernij. Bevrucht met de wens van
man en vrouw om vrij te zijn. Een mens met z'n rechten. Kijk me nog een
keer aan, m'n kind. Je bent vrij; een kind zonder een ketting aan voeten
en armen. Een kind zonder een verleden."
"Dat
vertelde je oma jouw moeder, toen ik van je in verwachting was."
Violette richtte haar gezicht naar haar moeder en kon de emoties die ze
meedroeg ook aanvoelen. Ze kon zich het verleden van haar oma, de ervaringen
van een leven met martelingen zonder enigerlei bescherming levendig voorstellen.
Dit onschuldig kind kan zich ook de vreemde taferelen die in haar familie
afspeelde nog herinneren. Nooit kon ze begrijpen waarom haar vader hen
op jonge leeftijd in de steek liet. Altijd kreeg ze te horen dat haar
vader op het eiland niet kon aarden. Soms kwam hij thuis ineen beschonken
toestand, al was hij niet iemand die alcohol nuttigde. Hij dronk omdat
hij zich niet kon uiten wat hij voelde of meemaakte. Als kind schuilde
ze achter de deur, als haar vader laat thuis kwam, om de scheldpartijen
te kunnen volgen. Z'n vrienden kwamen hem dan thuis brengen. Moeder was
altijd aan het woord, terwijl het enigste antwoord van haar vader was:
,,Ik weet dat ik fout ben. Mijn eiland roept mij terug, om terug te keren.
Moeder aarde vraagt mij steeds weer opnieuw, waar ik in godsnaam blijf?"
Violette's ogen begonnen op dat moment te tranen, daar ze het waarom niet
kon begrijpen.
De zon is dezelfde als in Trinidad, de zandwegen waarop gespeeld wordt
een zelfde.
De inwoners spreken ook engels net als thuis. Van waar die leegte, als
je niets anders te kort komt?
De enigste keer dat ze haar vader blij zag en hij goed in z'n vel zat
was met de calypso wedstrijd. Tijdens de carnavals periode was hij blij
en lachte en sprak met iedereen.
Nu beseft Violette hoe zeer ze hem had gemist, een vader die voor de rest
van haar opvoeding niet aanwezig was. De hallucinerende liefde tussen
vader en dochter die ze tijdens haar jeugd moest ontberen, kon ze niet
meer reciproceren. Die ene hand van troost, een vaderstem die alles al
dan niet goedkeurde en het serieuze gezicht van een man die haar de nodige
discipline moest bijbrengen, heeft ze nooit ervaren, gehoord of gekend.
Er waren zoveel vragen die tegelijkertijd om een antwoord vragen.
Wanneer ze
als tienermeisje moeder om haar vader vroeg, zei ze: "Jouw vader
is teruggekeerd omdat hij bij zijn familie wilde zijn."
"Maar waarom keerde papa zo plotseling terug?"
"M'n kind, jouw vader is een kleermaker die kleren maakt voor alle
grote artiesten. Als ze een prijs wonnen, was het alsof hij die prijs
had gewonnen"
"Maar hier kon hij toch ook z'n beroep uitoefenen, toch?"
"Weet ik, en dat heb ik hem verteld, maar hij besloot om terug te
keren."
"Was er niets om hem te overtuigen om toch nog te blijven."
"Hij zei ooit tegen mij, dat hij zich hier niet gelukkig voelt."
"Wat ik nooit heb begrepen is die avond die jullie een woordenwisseling
hadden."
"Violette, ik weet niet waar je het over hebt."
"Mama je moet het weten, daar papa toen het huis verliet en nooit
meer terugkeerde."
"Oh God, m'n kind je moeder weet het echt niet en kan zich dat ook
niet meer herinneren."
Verborgen
leegte
"Ik
weet het nog goed dat als ik mij uitkleedde, papa m'n kamer binnenkwam."
Hij betastte m'n onvolgroeide lichaamsdelen. Z'n hand bracht een vibratie
op gang, maar tegelijkertijd deed het mij pijn."
|